nleniw

                                                                                   Johan Schep

                                                                   Redding voor het Joodse volk

                           'En het brood dat Ik zal geven, is Mijn vlees dat Ik zal geven voor het leven van de wereld'.

                                                                           Johannes 6:51-59

 Ik heb vaak in Nederland horen zeggen: Het spreekt vanzelf dat het Joodse volk naar de hemel gaat, want zij zijn door de Heere uitverkoren. Is dit juist of niet? Op dit moment bestudeer ik het evangelie van Johannes en ik spreek erover bij Trans World Radio. In hoofdstuk 6 zien wij dat de Heere Jezus begint met een grote menigte, maar overblijft met elf trouwe volgelingen. Hij stelt hen dan de uitdagende vraag of zij ook niet weg willen gaan. Ze hebben al zoveel discipelen zien vertrekken. Die gaan een veel aangenamer leven tegemoet dan het leven dat die elf kunnen verwachten! Moeten zij zich ook niet bij hen aansluiten? Zij zijn immers met zo weinigen overgebleven. Bij een minderheid te horen brengt toch altijd afwijzing en verachting met zich mee!

Dan horen wij opeens het prachtig antwoord van Petrus. Ik zou niemand weten, tot wie wij kunnen heengaan. Wie behalve U heeft woorden van eeuwig leven? Hieruit blijkt dat de Heere Jezus op Zijn Vader gericht is, en niet op de mensen. Jezus vermindert die menigte tot elf trouwe volgelingen.

Lees alstublieft dit gedeelte eerst in Johannes 6, dan wordt alles zo duidelijk! Jezus noemt Zijn Vader: de Levende Vader, om aan te geven dat Hij Zijn Leven met Zijn Vader deelt en één is met Zijn Vader. De Levende Vader heeft Zijn enige Zoon, de Heere Jezus gezonden. Daardoor is het leven van de Vader in Jezus zichtbaar geworden. Naar dat heerlijke model leeft iedere gelovige, die de Zoon 'eet' en in zich opneemt. Door de Zoon te 'eten' wordt het leven van de Zoon in de gelovige zichtbaar. De Heere Jezus is het brood dat uit de hemel is neergedaald. Dat is toch heel anders dan het manna destijds in de woestijn, want ondanks het eten van het manna zijn de Israëlieten allemaal gestorven. Het enige wat ons bewaart zodat de dood geen vat op ons krijgt, is het eten van de Heere Jezus als het brood dat uit de hemel is neergedaald. Dit betekent eeuwig leven ontvangen.

Het onderwijs van de Heere Jezus maakt duidelijk wat er in de harten leefde van al die discipelen die waren weggegaan. De meesten verweerden zich fel tegen Zijn radicale woorden. Een hard woord vonden zij het. Het was voor hen onverdraaglijk. Zo zijn er ook vandaag velen, die een soort Jezus willen aannemen naar hun eigen smaak maar niets willen weten van een Jezus die voor hen moest lijden en sterven om hun het eeuwige leven te geven en dan als volgeling van Hem het kruis dagelijks op zich te nemen. Die waarheid wijzen zij af en willen zij niet geloven! Maar er is niets van ons eigen vlees, dat tot enig nut is (Joh. 6:63). De Geest van de Heere Jezus maakt levend. Ieder mens is van nature dood! Alleen het geloof in de Heere Jezus schenkt ons Zijn leven en dat leven brengt ons in de hemel. Dat is de boodschap die wij prediken. Predik alle woorden van dit leven (Hand. 5:20). Bij het Pesachfeest staat niet het ras maar het Lam centraal, en Zijn vergoten bloed.

Ga naar boven