nleniw

Een portret van een gedeelte van het leven van de profeet Elisa.

1.Kon.19:19-21.
Iedere dag is vol met verrassingen en kan je leven veranderen. Elisa was aan het ploegen. De Heere roept vaak mensen voor Zijn dienst tijdens hun werk. De naam van Elisa betekent: God is mijn Redder. Als Elia tegen Elisa zegt: Wat heb ik gedaan? dan wil hij daarmee zeggen: Ik heb je niet geroepen, maar de Heere. Neem je besluit. Elisa bewijst dat hij inging op zijn roeping want hij slacht twee runderen op de schijf van zijn ploeg. Hij verbrandde zijn schepen Elia bereidt Elisa voor om van nu af aan zijn dienst (mantel) te gaan over nemen
2. Kon. 3:11. Elisa volgt: Weinig opvolgers waren zo effectief als Elia’s opvolger. Hij bleef bij Elia tot de laatste momenten van zijn leven hier op aarde. Hij staat bekend als Elisa: De man die de handen van Elisa wast. 31 x een man van God.

2. Kon. 2.
Samen wandelen ze. Er waren drie redenen voor deze wandeling.
 
2:1,3,5.
Elisa wist dat de Heere zijn meester zou wegnemen en hij wilde tot het einde bij hem zijn. Toen hij de mantel van Elia over zijn schouders voelde had hij gezegd: Ik zal u volgen. Hij had zijn belofte gehouden (19:20). Gedurende de tijd dat ze samen dienden zijn ze elkaar meer gaan waarderen (Gen.2:18).
Het geeft mij vreugde om de jongere gelovigen te mogen sturen in hun leven.
Die interessante wandeling gaat naar verschillende plaatsen, die een speciale boodschap met zich meedragen in de Joodse geschiedenis. Gilgal was de eerste plaats waar het volk kampeerde in het beloofde Land (Joz. 4:19). In deze plaats vond de besnijdenis plaats en werden zij zonen van het verbond genoemd. Vandaar liepen ze naar Bethel, waar Abraham en Jacob aanbaden (Gen.12:8). Het was in deze plaats dat Jacob wist dat God voor hem zou zorgen. Hij had een visie van engelen die op en neer een ladder liepen die tot in de hemel reikte. Ook maakte Jacob net als Abraham hier een nieuw begin met de Heere. Op dat moment stond er een afgod en was er afgoderij (1 Kon. 12:26). Elia herinnerde Elisa aan de tijd dat dit een plaats eens van zegeningen en vernieuwingen was. Van Bethel naar Jericho. De plaats waar de overwinning door het geloof plaats vond. Vandaar gingen ze naar de Jordaan en zag Elisa dat deze open ging. Niets is te moeilijk. Elia bleef ook dienen tot het moment dat de Heere hem haalde.
Het beste geschenk wat je achter kunt laten is een voorbereide dienstknecht. Het verlangen van Elisa spreekt tot mijn hart. Een dubbel deel van Zijn Geest. Hij verlangde er erg naar om meer te zijn als de Here Jezus, die tijdens Zijn rondwandeling vol was van de heilige Geest en altijd goed deed (Hand.10:38). 2: 10. Elisa zag de hemelvaart van Elia. Er staat niet dat de profeten het zagen.
Elia was er niet meer en hij kon niet meer bij hem terecht voor hulp. De Heere was er wel en op de troon. Zijn geloof zal hem ook diezelfde kracht geven. Er gebeuren wonderen die belangrijke Geestelijke lessen met zich meedragen.

(1). 2: 13-18. Nadat Elia ten hemel voer aan de westzijde van de Jordaan werd het geloof van Elisa getest. Hij moest ook geloven dat de Jordaan kon openen. Het opnemen van de mantel van Elia was het duidelijke teken dat Elisa in zijn voetstappen verder zou wandelen. Door het slaan van de mantel op het water liet hij zien dat zijn geloof niet in Elia, maar in de levende God van Israël was.
Het wonder bij de Jordaan openbaarde niet alleen aan de studenten zijn geloof en de kracht van de Here God, maar ook dat hij de nieuwe leider was. Dit was ook met Jozua gebeurd, die in de voetstappen van Mozes wandelde (Joz. 3:7).
 
(2). 2:19-22.
Het was niet zo vreemd, dat het water van Jericho niet smaakte, want de stad was onder een vloek (Joz. 6:26). Het zout is ook een beeld van het verbond en van de persoonlijke reinheid (Lev.2:13). Het wonder herinnert ons aan het wonder van Mozes bij Mara (Ex. 15:22). Het was op die plaats dat de Heere zich openbaart als de God die geneest. Weer spreekt dit wonder van een nieuw begin. Zijn gehoorzaamheid wordt altijd gevolgd door Zijn zegeningen.
De praktische les: Wij kunnen ook met al onze zorgen en problemen naar de grote Profeet gaan, de Ware Man Gods: Onze Here Jezus Christus en om hulp roepen zoals de blinde bedelaar dat bij Jericho deed met de woorden: Jezus Zoon van David, erbarm u over mij (Luk. 18:35). Hij is nog steeds machtig om ons te redden, maar dan moeten wij onze problemen wel bij Hem voorleggen.
De mannen van Jericho klaagden hun nood aan Elisa: De ligging van de stad is goed, maar het water is slecht en de landstreek veroorzaakt ook misgeboorte.
Uiterlijk leek alles in orde. Het was een prachtige stad met palmen (Deut. 34:3) en de ligging was ook prachtig in een vruchtbare vlakte. Dat was de buitenkant Misschien lijkt de buitenkant van uw leven allemaal ook wel mooi, terwijl we van binnen tobben met het probleem van een slechte bron (Mark. 7:21-23).
De redding voor nu en de toekomst ligt alleen bij de Here Jezus (Rom. 5:12).

(3). 2:23-24. Het volgende wonder is in Bethel, waar afgoden gediend worden. Het Hebreeuwse woord voor kinderen is Jeugd. Het zijn jongens die hun eigen keuzen konden maken en het verschil tussen juist en verkeerd goed wisten.
Zij toonden helemaal geen respect voor de God van Israël en zijn dienstknecht In de wet waren ze gewaarschuwd (Lev. 26:21). In het Hebreeuws is het heel duidelijk dat de beren hen ernstig verwonden, maar niet doden. Met hun grote littekens getuigden zij voor de rest van hun leven dat je niet de gek kunt steken met de God van Israël. Al was er een nieuw begin, de wetten blijven hetzelfde.
Die waarschuwing had geen effect en het oordeel kwam (2. Kron. 36:15,16).
De praktische les voor ons: Als ouders hebben wij een grote verantwoording, wat wij onze kinderen doorgeven. Het einde van spotters is vreselijk (2 Pet. 3). Het gericht begint in het huis van God (1.Pet.4:17). Ze riepen: Ga op. Dat heeft verband met het opgaan van Elia. Ze dreven de spot met zijn Hemelvaart. Voor de terugkomst van de Here Jezus komt er een oordeel over Israël (Zach. 5:3,4). We mogen bij onze prediking de aankondiging van het oordeel niet verzwijgen. Gezanten van de Here Jezus en het Nieuwe verbond moeten zich nooit wreken.
Wij dienen anderen te zegenen en niet te vervloeken (Rom. 12:19; 1.Kor.4:12).
De Heere wacht en wel zolang, dat het erop lijkt dat de spotters gelijk krijgen
Elisa was met Elia naar Gilgal, Bethel, Jericho en ook bij de Jordaan geweest.
Nu kwam hij bij de berg Karmel, de plaats waar Elia zijn grootste overwinning behaalde. Ik kan mij voorstellen dat hij bij het altaar de Heere gedankt heeft, dat hij een deel was van zulk een rijke erfenis. We kunnen niet in het verleden leven en hij vertrok naar Samaria de hoofdstad van het Noordelijke Koninkrijk.
2. Kon. 3. Dit hoofdstuk begint met het publieke optreden van de profeet Elisa.
Elia wordt ook wel vergeleken met Johannes de Doper (Matt. 3:1-12; Luk. 1:17). Elisa betekent: God redt. Zijn naam herinnert ons aan de Here Jezus: Matt. 1:21 Elisa herinnert mij ook sterk aan de wandeling van de Here Jezus (Hand.10:38).
 
(1). 3:1-27. Overwinning in de strijd.

Joram was de zoon van Koning Achab. Hun relatie was slecht en hij noemde de Koning een moordenaarszoon (6:32).
8:4. Later bleek de Koning geïnteresseerd in de wonderen van Elisa. Hij was niet zo slecht als zijn ouders, want hij verwijderde de gewijde paal van zijn vader. 15. Elisa vraagt om de harpspeler en dit leert mij de waarde van aanbidding. 17. De Heere onthield hun zijn Zegen, de regen van boven (Lev. 26:3,4). Zonder water was het leger ten dode opgeschreven (10,13b). Joram gaf God de schuld. 11a. De reactie van Josafat was heel anders. Hij verloochende zijn geloof niet! 11b. De nood was hoog gestegen, maar de redding was nabij in de profeet Elisa 12a. Josafat erkende Elisa en zei: Bij hem is het woord van de Heere. Elisa was net als zijn voorganger Elia en sprak ook het betrouwbare Woord van de Heere. 16,17. Het was geen vrijblijvend advies, maar een gezaghebbende uitspraak. De les is dat ons geloof in Gods Woord de weg effent om gezegend te worden. Zoals Elisa had voorzegd versloegen de Israëlieten de Moabieten en hun steden Het hoofdstuk eindigt en is vol van Gods goedheid ten opzichte van Zijn volk.
 
(2).4:1-7. De olie die bleef stromen.

Elisa houdt zich in het vorige hoofdstuk met staats zaken en drie Koningen bezig en hier met een arme jonge weduwe.
De profeet had een open oor voor haar klacht. Bij de Heere is geen aanzien des persoons. Het is een bewijs van Gods bijzondere zorg voor weduwen en wezen.
Het is goed om te bedenken dat de Heere ook nu nog voor Zijn kinderen zorgt.
Ps. 50:15. Het wonder is dat zij om hulp gaat. Haar hart is op de Heere gericht.
Het eerste wat Elisa zegt is: Wat kan ik voor je doen en wat heb je in je huis.
Wat ze in huis had, (Een kruikje olie) werd haar redding en dat van haar zonen.
Het lag niet aan de olie want die was er genoeg, maar wel aan het aantal vaten.
 
(3). 4:8-37. Leven uit de dood.

De welgestelde vrouw en haar enige zoon. Elia ontving een bovenkamertje en bezocht deze familie geregeld op zijn doorreis.
9. Elisa onderscheidde zich op gunstige wijze van de andere profeten (1.Kon.22) Elisa helpt die welgestelde vrouw, die geen kinderen had en innerlijk van leed. Het gastvrijheid geven van Gods dienstknechten is een goede zaak (Hebr.13:2). 13. De vrouw was toch tevreden en zegt: Ik woon te midden van mijn familie. 16, 20; Rom. 4:17. Twee keer ervaren we het wonder van leven uit de dood 33,34. Elisa moest komen als de middelaar. Hij moest zich één met hem maken Wij zijn met de Here Jezus gestorven en opgewekt tot een nieuw leven (Rom.6)

(4). 8:1-6. Het wonder van de herstelling .

Na de hongersnood zien we weer een bewijs van Zijn liefde. De Heere heeft alle omstandigheden in Zijn hand.

(5). 4:38-41. De dood in de pot.

Elisa verrichtte een wonder en het oneetbare voedsel werd weer eetbaar. Hij is hierin weer een treffend beeld van de Here Jezus die de dood heeft overwonnen en nieuw leven tevoorschijn roept in een situatie van zeven jaar hongersnood onder het volk van God. Hij keerde steeds weer terug naar Gil-Gal die plaats waar de besnijdenis had plaats gevonden.
Hij erkent ook dat het eigen vlees geen enkel nut heeft in de dienst van de Heer
Gil-Gal wijst op de grote profeet, die Wonderlijk van raad en groot van daad is.

(6). 4:42-44. Een wonderbare spijziging.

Elisa dacht niet aan zichzelf maar aan het hongerige volk. De Here God heeft een blijmoedige gever lief (2.Kor. 9:7).
Er kwam geen daad van Elisa aan te pas. Zo spreekt de Heer, was voldoende!
Jezus werd met ontferming bewogen met de menige die niets te eten had.
Kol. 1:18. De Here Jezus is meer dan Elisa. We mogen ons voeden aan Hemzelf.

(7). 5:1-127. Een wonderbare genezing.

Een klein slavinnen meisje uit Israël speelt een belangrijke rol. Ze gaf een trouw getuigenis van de Heere. Dit werd gebruikt om Naäman bij Elisa te brengen en dat leidde weer tot zijn genezing. Het maakt niet uit welke functie je hebt. Naäman dacht dat er een ritueel voor nodig was. Gehazi dacht dat hij met de zonden weg kon komen. Naäman was volledig genezen. Gehazi stal van Gods Genade om toch geschenken te vragen.

(8). 6:1-7. Het wonder van de drijvende bijl.

Alles wat we hebben is geleend.
Zijn noodkreet was ook een hulp kreet aan het adres van Elisa: Ach mijn Heer.
De weg tot herstel: (1). We moeten onze situatie eerlijk onder ogen zien en alles aan de Heere vertellen.(2). We moeten teruggaan naar het punt waar we onze kracht hebben verloren en dat aan de Heere vertellen. (3). Dan moeten wij de Heere laten werken ook al gaat dat dwars tegen onze redeneringen in.
 
(a). Hout spreekt van de Here Jezus in Zijn mensheid als de vrucht van de aarde (Jes. 4:2). Hij is voor ons allen in de dood gegaan om ons het Leven te geven.

(b). We moeten in geloof onze handen leggen op de mogelijkheden die de Heer ons geeft. Zo mogen we ons weer wijden aan de bouw van het huis van God.
7. De profeet moest zijn gereedschap beetpakken. Hij deed het zonder aarzelen
 
(9). 6:8-23. Hij heeft mijn ogen geopend.

Dank zij het optreden van Elisa in dit conflict volgde er een periode van tijdelijke rust. We zien in die Aram een beeld van de wereld als de trotse tegenstander van het werk en volk van de Heer. Israël was in eigen kracht niet bestand tegen deze vijand. Dank zij de informatie die Elisa ontving van de Heere kon de vijandelijke Koning weinig uitrichten.
Wat de Koning in het diepste geheim besloot was een open boek voor Elisa. De Koning besloot om hem gevangen te nemen. De macht van de Here God reikt verder dan de macht van de vijand. Wat een woorden: Vreest niet!
Op het gebed van Elisa werden ook de ogen van zijn knecht geopend (17). Hebr. 1:14. Gods engelen staan altijd ten dienste van Zijn kinderen. Dat gold ook voor de Here Jezus (Matt. 26:53; Efz. 1:20,21. Alle Hemelse machten zijn Hem ten dienste. Het is goed om hiervan doordrongen te zijn. Paulus bidt dat de ogen van ons hart verlicht mogen worden (Efz. 1:15). 18. De vijand werd met blindheid geslagen . Terwijl de ogen van zijn knecht werden geopend. Onze persoonlijke relatie tot Jezus beslist of wij al dan niet ziende worden.

(10). 6:24-7:20. De redding van Samaria.

Als de tijden moeilijk zijn, dan kunnen we op verschillende manieren reageren. De Koning gaf Elisa de schuld (6:31).
De waarheid was ,dat het zijn eigen schuld was. Zijn vader deed eens hetzelfde.
We kunnen twijfelen en dat was het probleem van die officier die het Woord van God niet geloofde en daardoor stierf (17-20). De vier melaatsen dachten logisch. Ze zouden toch gaan sterven. De waarheid is: Er waren geen vijanden.
De melaatsen gaven eerst op, daarna gaven ze in en uiteindelijk gaven ze uit. Door het delen van het Goede Nieuws werd de stad gered. Laten we uitgeven.
 
(11). 13:20,21. Het wonder bij het graf van Elisa.

De profeet is oud geworden.
Hij had de goede strijd gestreden (2 Tim. 4:7,8; 1.Sam.2:30). De Heere vereerde hem met het wonder dat plaatsvond bij zijn eigen graf. Dit wonder is typerend voor zijn leven. Het spreekt van de overwinning over het leven op de dood. Elisa werd begraven in een familiegraf aan de rand van het Jordaan dal. Rovers trokken vaak de grens over. Dit was weer eens het geval. Ze waren toen net iemand aan het begraven. Het graf van Elisa was in de buurt. Snel wentelden zij de sluitsteen van het graf en wierpen de man in het graf van de profeet Elisa. Toen die man in aanraking kwam met de beenderen van Elisa werd hij opeens weer levend en ging hij op zijn voeten staan (13:20,21). Opnieuw het Thema: Leven uit de dood. Dit is een prachtig beeld van de waarheid dat we met Jezus zijn gestorven, begraven en ook weer opgewekt tot een heel nieuw leven. Inderdaad is het beeld minder heerlijk dan de werkelijkheid. Elisa bleef in het graf, terwijl de Here Jezus (De Levensvorst) uit de dood verrees als eersteling van hen die ontslapen zijn. Een aanraking met Hem in het geloof is voldoende om nieuw leven te ontvangen en op te staan uit ons zonden graf. Zo trekt de Here Jezus als de Gestorvene en de verhoogde Mensenzoon ons tot Zichzelf en doet Hij ons delen in de gevolgen van Zijn werk (Joh. 12:32,33). Uit Zijn eigen lege graf is een heerlijk zaad van eeuwig en een overwinningsleven gekomen.

Ga naar boven