nleniw

Jozef doet mij aan de Here Jezus denken.

(deel 6)

Gen.41:55. Toen de hongersnood kwam werden de mensen opgeroepen om naar Jozef te gaan. Ze werden dan voorzien van eten. Evenals de grote farao van Egypte tot al zijn onderdanen zei: Ga tot Jozef, zo zegt de Here der Heerscharen tot alle mensen: Ga tot Jezus. Voor iedere hongerige ziel luidt Gods boodschap: Ga toch tot Jezus. Bent u zich bewust, dat er geen brood is? Ga tot Hem die gezegd heeft: Ik ben het Brood des levens (Joh.6:35). In Hem woont al de volheid van God lichamelijk. Die tot Hem komt zal nimmermeer hongeren. Niemand wordt door Hem leeg heen gezonden. Hij die niet liegen kan heeft gezegd: Allen die tot Mij komen zal ik geenszins uitwerpen (Joh.6:37). Allen die tot Mij komen zullen ontvangen zonder geld en zonder prijs (Jes.55:1). Hoeveel reden hebben wij om God te danken dat Hij voor ons zulk een Heiland opgewekt heeft. Hoeveel reden hebben wij, om de Here Jezus te danken dat Hij vrijwillig de weg van de vernedering van kruis en graf is gegaan om deze heerlijke plaats in te nemen. De Here Jezus zegent ons me t alle Geestelijke zegeningen. (Efz.1:3). We moeten ons niet afvragen: Hoeveel heb ik van Gods Geest, maar hoeveel heeft Gods Geest van mij!

We zien dat het in Kanaän helemaal verkeerd ging (Gen.38) en Jozef was vooruit gestuurd om Zijn volk naar Egypte te brengen om daar afgezonderd te wonen en tot een volk uit te groeien (43:32). (41:55). Wat hij zegt doet dat: Dat waren de woorden van de farao tot hen die hongerend tot Jozef kwamen. Dat zijn ook de woorden van de moeder van de Here Jezus toen de wijn op was (Joh.2:5). Als het ooit aan iets ontbreekt in je leven, kom dan tot de Here Jezus en doe wat Hij zegt. Hij zal u het beste geven. Hij is de enige bron van alle blijdschap en voldoening. Een onafzienbare stroom van Goddelijke zegen komt door Hem tot ons. Hoe wonderlijk stemmen toch de geschiedenis van Jozef en die van de Here Jezus overeen. Als Jozef niet in Egypte was geweest dan zouden mens en dier gestorven zijn. Zonder de Here Jezus sterven allen een Geestelijke en eeuwige dood (Openb.20:14).

Gen.41:41,43,44b,46b,40. De heerschappij van Jozef wordt grondig en precies omschreven. Dit was de absolute wil van farao. Hij zegt dan ook: Gij zult over mijn huis zijn. Het is zo duidelijk te zien dat Jozef het beeld van de Here Jezus vertoont. In de Bijbel wordt zo duidelijk over Zijn heerschappij en overwinning gesproken zoals in de volgende verzen: Alles hebt gij onder Zijn voeten onderworpen, want daarin, dat Hij Hem alles onderdanig gemaakt heeft, heeft Hij niets overgelaten dat Hem niet onderdanig gemaakt is (Heb.2:8) De Here Jezus zegt het ook nadat Hij stierf en opstond uit het graf: Mij is gegeven alle macht in de hemel en op de aarde (Matt.28:18). Waarom wordt er zo nadrukkelijk en absoluut, juist door het woord “ALLES” over de overwinning van de Here Jezus gesproken? Omdat de Here God het wil (Hand.17:30,31).

Farao wilde absoluut alleen Jozef als Heerser aanstellen, omdat hij Hem als Redder van het volk had bestemd. De Bijbel zegt dat er geen andere Naam onder de Hemel gegeven is door welke wij gered moeten worden dan alleen de Naam van de Here Jezus (Hand.4:12). De heerschappij en de overwinning van de Here Jezus zijn onbetwist en zij doordringen het ganse heelal. Er is echt maar één Persoon waardig (Openb.5:5,6). Stellig had Jozef veel tegenstanders, maar ze worden niet eens vermeld. Wanneer wij in deze wereld, die vol demonische machten is rondkijken, dan schijnen de vijanden sterk te zijn. De macht van de goddeloosheid neemt toe, maar al die vijanden zijn door de Here Jezus Christus overwonnen (Ps.2:4). Hij die in de Hemel woont, lacht en zal hen bespotten. De Here Jezus is de enige grote overwinnaar!

(a). Gen.41:40. Het is de eis van farao, dat Jozef onvoorwaardelijk gehoorzaamd wordt.

(b). Gen.40:43. Het is de eis van farao, dat Jozef als een zorgende Vader gezien wordt (Matt.17:5).

(c). Gen.41:44. Het is de eis van farao dat de Egyptenaren geheel onderdanig zijn aan Jozef (Joh.15:5). Wij moeten de Here Jezus gehoorzamen met ons verstand (2 Kor.10:5) ons lichaam (Rom.6:16) onze oren (Deut.26:14) en ons hart. Als je zegt: Ik kan het niet: Hij kan het wel en woont in je (Kol.1:27).

(1). Gen.41:47. Als zichtbare vooruitgang zien we de geweldige overvloed. Als de Here Jezus iemands leven in Zijn handen neemt, dan breekt ook de volheid van Zijn Genade door (Rom.5:17; Kol.1:19).

(2). Gen.41:49. Net als bij Jozef geeft de Here Jezus veel vrucht (Jes.53:11,12; Joh.12:24; Openb.7:9). Deze schare is de Gemeente en dat zien we in zijn vrouw Asnat die Jozef van Farao ontving (41:45).

(3). Gen.41:49. De Egyptenaren waren onvoorwaardelijk gehoorzaam aan Jozef. Omdat zij één waren met Jozef in de tijd van voorspoed konden zij zich ook later, wanneer er armoe en dood kwamen aan hem vastklampen. Laten we leren om volledig één te zijn met de Here Jezus in voor en tegenspoed!

Ga naar boven